Een vrouw uit Genk kreeg van haar stadsbestuur een aangetekende brief waarin ze wordt aangemaand om voor 20 juni een distel uit haar tuin te verwijderen. Als ze dat niet doet, volgt een bekeuring, schreven vandaag enkele kranten waaronder Het Belang van Limburg en Het Nieuwsblad.

De verplichting om schadelijke distels op te ruimen staat in de wet van 2 april 1971 betreffende de bestrijding van voor planten en plantaardige producten schadelijke organismen. Een aantal van de spontaan voorkomende distels in België - de Akkerdistel (foto), de Kruldistel, de Speerdistel en de Kale jonker - vallen onder deze nog steeds geldende wet van de distelbestrijding.

Schade door distels?

De 'distelwet' stelt dat "Iedere verantwoordelijke eigenaar, huurder, pachter etc. verplicht is de bloei, zaadvorming en uitzaaiing van schadelijk geachte distels met alle middelen te beletten". Deze reglementering kadert in de wetgeving op gewasbescherming. Vreemd is dat: van distels wordt dus verondersteld dat ze schade toebrengen aan cultuurgewassen. De reden is hoogstwaarschijnlijk dat distels tussen cultuurgewassen heel hinderlijk kunnen zijn, niet zozeer of alleen voor de gewassen dan wel voor diegene die ze moet oogsten.

De distelwet is gebaseerd op verordeningen van lang voor de mechanisatie van de landbouw, toen landbouwers nog veel manueel werk verrichtten op het land. Stekels van distels kunnen diepe wondjes veroorzaken. Voeg daarbij een infectie van de toen nog gebruikelijke paardenmest en de optelsom is tetanus. Een ziekte waartegen toen geen remedie bestond: de boer of landknecht stierf eraan. Die drie factoren - handenarbeid, paardenmest en onmacht tegen tetanus - zijn vandaag niet meer geldig. Het land wordt mechanisch bewerkt, paardenmest wordt nauwelijks nog gebruikt. Tegen tetanus kun je je laten inenten.

Maar de haat en de aversie tegen distels is wel gebleven. Zolang de distelwet geldt, mag je de gewraakte soorten niet in je tuin laten bloeien. Je wordt er vast over aangesproken door je buren, of je nu in de stad woont of op het platteland. Of dus door je stadsbestuur...

Prachtige bloei en een verrijking voor de biodiversiteit

Hopelijk haalt het gezonde verstand de bovenhand en wordt die distelwet zoniet afgeschaft, dan toch aangepast. Want bloeiende distels zijn een lust voor het oog. Niet enkel de bloemen zorgen met hun dieppaarse kleuren voor verwondering, maar vooral de talrijke insecten (bijen, hommels, vlinders, zweefvliegen) zorgen voor een waar kleurenspektakel. Ook het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) vindt de bestrijdingsplicht niet meer zinvol. In veel landen is deze plicht dan ook al lang afgeschaft.