Je bent hier:

Tuinieren

Eigen aardappelen telen: graag, maar hoe?

Reacties (0)

Heb je nog geen aardappelplantgoed besteld, dan is het het moment om dat te doen. Want zeg nu zelf, wat is heerlijker dan verse aardappelen uit je eigen tuin te halen? Wij geven alvast enkele tips waarmee je rekening dient te houden bij het telen van aardappelen.

Welke rassen kies je?

Bij de teelt van aardappelen kan de aardappelplaag een grote spelbreker zijn. In de gangbare teelt wordt deze schimmelaantasting te lijf gegaan met wekelijkse sproeibeurten met fungiciden. In de ecologische moestuin kiezen we resoluut voor resistente rassen en voor een ruime vruchtwisseling. Verwar de aardappelplaag trouwens niet met aardappelmoeheid. Deze wordt veroorzaakt door cysten- en andere aaltjes als je de vruchtwissseling niet respecteert.

Je vindt aardappelen in diverse kleuren en smaken. Breng gerust diversiteit in je tuin en probeer elk jaar eens iets anders.

Vroege aardappelen hebben het voordeel dat je ze kunt oogsten voor het plaagseizoen eraan komt. En als het perceel in juli vrijkomt, heb je ook weer ruimte voor een nateelt als kolen, prei of spinazen of voor een groenbemester als Phacelia. Bovendien is het altijd een beetje feest als je je zelf geteelde primeuraardappel kunt oogsten.

Waar vind je aardappelplantgoed?

Zaden kun je makkelijk bestellen via webwinkels. Bij pootgoed is dat minder evident omdat de verzendingskosten hoog oplopen. Je kunt best beroep doen op tuincentra in je buurt, waar gelukkig steeds meer aandacht gaat naar resistente rassen. Je kunt uiteraard ook deelnemen aan ruilmomenten met andere tuiniers of een kijkje nemen in ons lijstje met interessante aanbieders.

Hoeveel poters neem je?

Reken goed uit hoeveel plantgoed je echt nodig hebt. Met een kilogram pootgoed (ongeveer veertig poters) kun je gemiddeld al tien vierkante meter aardappelen telen. Met een vruchtwisselingsschema met 6 percelen is dit voldoende voor een tuin met een totaal moestuinoppervlak van zestig vierkante meter. Als je vier rassen kiest, dan riskeer je al snel te veel pootgoed te hebben met zakken van een kilogram. Laat je niet verleiden om ze dan maar wat dichter in de rij te planten.

In sommige tuincentra kun je nog pootgoed per stuk kopen. Maar je kunt ook proberen om pootgoed te ruilen via een Velt-afdeling in je buurt.

Voorkiemen: hoe starten?

Leg het plantgoed vier tot zes weken voor het planten in bakjes op een plaats met veel licht en bij een temperatuur van ongeveer tien graden. Een goed gekiemde pootaardappel heeft twee weken voorsprong. Vroege aardappelen worden zo extra vroeg en late aardappelen krijgen voorsprong op de aardappelplaag.

(C) Foto's: Swa De Heel en Luc Vanhoegaerden

Creatief met kiem- en microgroenten

Reacties (2)

Even dachten we dat we een winter gingen overslaan, maar deze lijkt nu toch echt aangebroken. Is dat slecht nieuws? Helemaal niet, want zelfs in de winter kun je aan de slag met kiem- en microgroenten in de keuken. Het experimenteren waard? Absoluut!

Kiemen: wat heb je nodig?

Met enkele theelepels zaden, een bokaal, gaasdoekje, elastiekje en voldoende water kun je in amper een week smaakvolle en verse kiemen kweken. Niet alleen lekker, maar ook nog eens gezond. Want deze kiemen zitten boordevol vitaminen én mineralen.

Welke zaden kies je best?

Een gouden tip: probeer eerst met makkelijke en goedkope zaden zoals alfalfa (luzerne), mungboontjes, fenegriek of quinoa (foto hieronder). Veel van deze zaden vind je in de plaatselijke biowinkel. Let wel op de houdbaarheidsdatum, want hoe verser hoe groter het kiempercentage.

Als dit goed lukt, dan kun je proberen met iets moeilijkere of duurdere zaden zoals broccoli, prei of radijs. Deze worden in speciale verpakkingen verkocht als kiemgroente.

Leef je vooral uit en experimenteer met verschillende groentesoorten. Behalve met zaden van aubergine, tomaat en paprika, omdat de kiemen hiervan giftig zijn. Tuinkers is dan weer een uitzondering die je beter als microgroente opkweekt.

Hoe begin je eraan?

Doe enkele koffielepels in een bokaal, doe er water op en laat de zaden een nachtje weken. Vergeet niet om er met een elastiekje een gaasje over te spannen. 's Ochtends en 's avonds spoel je krachtig met water en tussendoor laat je de bokaal omgekeerd uitlekken.

Quinoa kiemt bijzonder snel, prei gaat dan weer wat langzamer. Peulvruchten zoals soja en mungboon zet je in het donker, anders zullen de kiemen bitter smaken.

Watergebruik: enkele aandachtspunten

Vanuit ecologische bekommernis is het waterverbruik natuurlijk een aandachtspunt. Twee maal per dag spoelen is noodzakelijk. Dat kan ook met regenwater, maar de laatste spoelbeurt voor je de kiemen gebruikt, schakel je over op leidingwater. Het week- en spoelwater kun je wel gebruiken als gietwater voor kamerplanten. Zo recupereer je ook alle mineralen uit de zaden.


En wat met microgroenten?

Microgroenten moet je letterlijk nemen. We zaaien ze in een minituintje in schaaltjes of bakjes op een beetje potgrond, watten of een papiertje, of bijvoorbeeld een stukje jute dat je regelmatig nathoudt.

Net zoals in de tuin heb je licht nodig, maar de kleine plantjes houd je best uit direct zonlicht. Je kunt met heel wat soorten experimenteren, en vooral met bladgroenten als amarant, rucola en tuinkers.

Kiemen eten we met zaad en al op. Microgroenten daarentegen oogsten we net als andere groenten door ze boven de wortelhals af te knippen. Veel tuinplezier en vooral: smakelijk!


(C) Foto's: Frank Petit-Jean

Moestuinseizoen van start?

Reacties (0)

Je hebt geduldige en ongeduldige tuiniers en dat manifesteert zich bij de eerste zonnige dagen. Tot nu toe kon je binnen al wel een en ander zaaien en buiten wat snoeiwerk doen, maar nu wil menig tuinier de handen in de aarde steken. Maar wat kan je al doen? De tuinkalenders van Velt brengen raad!

Wanneer begin je in de tuin?

Elk jaar noteren we begin maart een eerste piek in tuinvragen die binnenkomen via e-mail of telefoon. Ook in onze Facebook-groep wakkert de activiteit aan en vuren leden vragen op elkaar af over diverse onderwerpen rond moestuinieren.

“Vaak moeten we mensen toch vragen nog wat geduld uit te oefenen alvorens in de tuin te beginnen”, zegt Velt-moestuinmedewerker Frank Petit-Jean. “Op dit moment kan je wel al starten met de voorbereidingen voor een goed moestuinjaar. Zo kan je de winterbedekking van de plantenbedden al halen, zodat de aarde kan opwarmen.”

“Belangrijk om in gedachte te houden is dat je op lichte zandgrond al sneller kan beginnen dan op een zware, natte kleigrond. En waar de grond voldoende droog en opgewarmd is, kan je al erwten of tuinbonen zaaien.”

Tuinkalender(s) bij de hand

Tuinkalender van VeltHandige instrumenten bij het moestuinen zijn de twee tuinkalenders van Velt. De ene volgt de dagen van het jaar, de andere kijkt naar de ontwikkeling van de natuur.

“Door te kijken naar wilde planten kan je inschatten wat je buiten kan planten of zaaien. In jaren dat de seizoenen overhoop liggen helpt dat. Als sleutelbloemen bijvoorbeeld bloeien, dan kan je de eerste sla in open lucht planten en dat is normaal gezien pas in april.”

Moestuinseizoen van start?

100 deelnemers op trefdag

Reacties (0)

Op 31 januari vond de jaarlijkse trefdag Samentuinen plaats in Antwerpen, waar 100 personen deelnamen aan verschillende workshops. De trefdag was vooral een echt trefmoment, waarbij tuiniers uit Vlaanderen, Nederland en zelfs Wallonië ervaringen en ideeën uitwisselden.

Klik hier om de presentaties te bekijken

100 deelnemers op trefdag

Zijn onkruiden schadelijk?

Onkruiden kunnen schadelijk zijn. Ze roven niet alleen het licht, de lucht en het voedsel van onze teelten, maar ze verspreiden ook ziektes en plagen (als tussengastheer).

Gewaardeerde partner in Samentuinen

Reacties (0)

Minister Joke Schauvliege maakte gisteren bekend dat veertig projecten in Vlaanderen subsidie krijgen voor de aanleg en inrichting van nieuwe volkstuinen of voor de uitbreiding en/of modernisering van bestaande volkstuinen. Velt is verheugd met dit nieuws.

9 Samentuinen

Bij de opmaak van de projectdossiers werd Velt regelmatig geconsulteerd. Zo werden er verschillende samenwerkingen opgestart en was Velt betrokken bij de opmaak van 9 projectdossiers. Ze werden alle 9 goedgekeurd. We beschrijven ze hieronder beknopt.

  • Achter de voetbalvelden van KVK Beringen - in de wijk Kolmen - startte in 2014 een nieuwe ecologische volkstuin met 33 percelen. De tuin is één van de speerpunten om de sociale cohesie in de wijk te versterken. Daarom is er een nauwe betrokkenheid van RIMO Limburg. Tegelijkertijd wordt deze tuin gekoppeld aan de e-portemonne, een complementair muntsysteem van Limburg.net, de afvalintercommunale in Limburg.
  • In Blankenberge wordt een nieuwe tuin opgestart met individuele en gemeenschappelijke percelen, gekoppeld aan een gemeenschappelijke groenzone. Verschillende partners worden betrokken: de jeugddienst van Blankenberge, bejaardentehuis De Strandjutter, scholen uit de buurt en de Hogeschool VIVES uit Tielt. Last-but-not-least speelt de lokale afdeling Velt-Blankenberge een actieve rol in deze tuin, chapeau!
  • Onder de noemer Samentuin Vinkeniersweg start het gemeentebestuur van Borsbeek, samen met de lokale transitiewerkgroep en Velt-leden, in 2015 met aanleg van een nieuwe tuin. Er worden individuele en gemeenschappelijke percelen voorzien. Dit alles via een sterk participatief proces, met als uitgangspunt dat sociale en educatieve aspecten even belangrijk zijn als het aantal kilo opbrengst.
  • In Drogenbos start het OCMW met een nieuwe ecologische volkstuin op een perceel van 11,5 are langs de Marie Collartstraat. Ook hier zijn er heel wat gegadigden: een oproep van de gemeente in 2014 leverde meteen 44 kandidaat-tuiniers op. Velt zorgt voor een volledige trajectbegeleiding, van bij de opstart tot na het tweede teeltseizoen.
  • De samentuin Ganzenkoor in Duffel is in opstart: een weide en een maïsakker worden omgetoverd tot een bloeiende samentuin. Interesse is er, twee oproepen via het contactblad van de gemeente in 2014 leverden meteen 40 kandidaat-tuiniers op. Deskundige vrijwilligers van de lokale afdeling Velt-Netevallei, van de lokale afdeling van TuinHier en compostmeesters zorgen voor de begeleiding van de tuiniers.
  • Bij de Kluis van Vrijhern, een openbaar domein te Hoeselt wordt een kleine (ongeveer 3,5 are groot) maar fijne samentuin aangelegd. De inrichtingswerken zijn gestart, in de lente van 2015 kan er, hopelijk, een eerste maal gezaaid en geoogst worden. Honderden jaren werd hier door de vroegere kluizenaars getuinierd om in hun eigen behoeften te voorzien. Dat wordt op deze historisch waardevolle plaats door buurtbewoners terug opgepikt.
  • De ecologische volkstuin D’n Goeien Oard in Neerpelt wordt in 2015 toegankelijk gemaakt voor minder mobiele mensen, oa. rolstoelgebruikers. Op de planning staat: verharding van een aantal paden, constructie van verhoogde teeltbakken en het voorzien van aangepast tuingereedschap voorzien. Velt leert deze nieuwe tuiniers de specifieke kneepjes van het vak.
  • In Schelle was er geen volkstuin, nu is de Aerdborg op komst. Deze tuin komt op een mooie plek, op een boogscheut van natuurgebied Kelderijlei en het recent aangeplante Berrenheibos. Het gebied voor de tuin is 1,2 ha groot. En ook hier is veel interesse: een enquête van de gemeente leverde meteen 45 gezinnen op die willen tuinieren. De lokale afdeling Velt Zuid-Antwerpen sprong mee op de kar.
  • In Turnhout is Velt partner bij de realisatie van de nieuwe ecologische volkstuin, gelegen in het Park Heizijdse Velden. Er is ruimte voor individuele en gemeenschappelijke percelen. De link met de Stadsboerderij is vanzelfsprekend, wat zich zal uiten in een sterke focus op educatie rond tuinieren, landbouw en voeding.

Samenwerken met Velt?

Naast deze negen initiatieven staat Velt open om met anderen samen te werken. Een uitgebreide omschrijving van onze aanpak vind je terug in onze brochure Samentuinen. Voor meer informatie kan je contact opnemen met Geert Gommers op geert.gommers@velt.be of (+32) 03 287 80 95.

(C) Foto: Velt

Samentuinen

'Distelwet' achterhaald

Reacties (10)

Een vrouw uit Genk kreeg van haar stadsbestuur een aangetekende brief waarin ze wordt aangemaand om voor 20 juni een distel uit haar tuin te verwijderen. Als ze dat niet doet, volgt een bekeuring, schreven vandaag enkele kranten waaronder Het Belang van Limburg en Het Nieuwsblad.

De verplichting om schadelijke distels op te ruimen staat in de wet van 2 april 1971 betreffende de bestrijding van voor planten en plantaardige producten schadelijke organismen. Een aantal van de spontaan voorkomende distels in België - de Akkerdistel (foto), de Kruldistel, de Speerdistel en de Kale jonker - vallen onder deze nog steeds geldende wet van de distelbestrijding.

Schade door distels?

De 'distelwet' stelt dat "Iedere verantwoordelijke eigenaar, huurder, pachter etc. verplicht is de bloei, zaadvorming en uitzaaiing van schadelijk geachte distels met alle middelen te beletten". Deze reglementering kadert in de wetgeving op gewasbescherming. Vreemd is dat: van distels wordt dus verondersteld dat ze schade toebrengen aan cultuurgewassen. De reden is hoogstwaarschijnlijk dat distels tussen cultuurgewassen heel hinderlijk kunnen zijn, niet zozeer of alleen voor de gewassen dan wel voor diegene die ze moet oogsten.

De distelwet is gebaseerd op verordeningen van lang voor de mechanisatie van de landbouw, toen landbouwers nog veel manueel werk verrichtten op het land. Stekels van distels kunnen diepe wondjes veroorzaken. Voeg daarbij een infectie van de toen nog gebruikelijke paardenmest en de optelsom is tetanus. Een ziekte waartegen toen geen remedie bestond: de boer of landknecht stierf eraan. Die drie factoren - handenarbeid, paardenmest en onmacht tegen tetanus - zijn vandaag niet meer geldig. Het land wordt mechanisch bewerkt, paardenmest wordt nauwelijks nog gebruikt. Tegen tetanus kun je je laten inenten.

Maar de haat en de aversie tegen distels is wel gebleven. Zolang de distelwet geldt, mag je de gewraakte soorten niet in je tuin laten bloeien. Je wordt er vast over aangesproken door je buren, of je nu in de stad woont of op het platteland. Of dus door je stadsbestuur...

Prachtige bloei en een verrijking voor de biodiversiteit

Hopelijk haalt het gezonde verstand de bovenhand en wordt die distelwet zoniet afgeschaft, dan toch aangepast. Want bloeiende distels zijn een lust voor het oog. Niet enkel de bloemen zorgen met hun dieppaarse kleuren voor verwondering, maar vooral de talrijke insecten (bijen, hommels, vlinders, zweefvliegen) zorgen voor een waar kleurenspektakel. Ook het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) vindt de bestrijdingsplicht niet meer zinvol. In veel landen is deze plicht dan ook al lang afgeschaft.

Alleen en toch samen

Reacties (0)

(Verslag door Geertje Meire) Kessel-Lo telt maar liefst drie samentuinen. Het is duidelijk dat ook stadsmensen almaar meer tuinieren. De Zavelhof, in de Zavelstraat, is een van de drie tuinen. Ik ga er een kijkje nemen op een samenwerkdag en mijn aankomst leidt al meteen tot een grappig misverstand: ik word verward met een nieuw lid en krijg prompt een hark in mijn handen geduwd. ‘We maken het pad schoon!’ luidt de verklaring. Als even later blijkt dat ik eigenlijk voor een reportage kom, wordt het gereedschap mij even snel weer uit handen genomen...

De Zavelhof beleeft zijn tweede tuinseizoen. Het gedachtegoed van Transitie Leuven legde hier de bodem voor een vruchtbare (samen)werking. Het land was vroeger graasweide, kwam later braak te liggen, en wordt nu ter beschikking gesteld door de eigenaar om te tuinieren. Het is verdeeld in 28 percelen van ongeveer 50 m². Hier dus geen tuin van iedereen samen, maar een ‘volkstuin met een grote plus’. Want de tuiniers werken wel degelijk samen: er is een gemeenschappelijk gedeelte met een gereedschapshok, een composttoilet en bessenstruiken. De  Velt-praktijkbegeleider staat hen gezamenlijk bij en ook de serre, de mest en de houtsnippers worden gedeeld.

Duidelijkheid troef

Momenteel zijn er zowat 30 actieve leden van uiteenlopende leeftijden. De Zavelhof heeft geen website, maar intern is er al een strakke organisatie: er is een soort afsprakennota, die men in de omgang al grappend ‘charter’ noemt. Alle info is voor iedereen toegankelijk via Dropbox, een superhandig communicatiekanaal. De minder onderlegde computergebruikers kregen een peter toegewezen, zodat ze meer leren dan louter tuinieren. Al de taken zijn verdeeld in werkgroepen: van de lijst met de deelnemers aan de samenwerkdagen opstellen, over de orde in het gereedschapshok handhaven of pers en geïnteresseerden contacteren, tot festiviteiten organiseren.

De tuin ligt in een woonstraat. De huizen rondom zijn stuk voor stuk voorzien van een ruime tuin, dus de buren zijn geen samentuiniers. Toch wordt de buurt zo veel mogelijk betrokken en  geïnformeerd, zeker als er (feestelijke) activiteiten plaatsvinden. Inmiddels is de achterdocht rond het project en mogelijke overlast of hinder verleden tijd. Bij de officiële opening in juni 2012 was de stad Leuven aanwezig om de nodige tuinlinten door te knippen en gratis compostvaten van de compostmeesters te schenken. De stad beschouwt de tuin wel vooral als een privé-initiatief.

Tips en trucs

De tuin staat onder de hoede van praktijkbegeleider Jonas Vleugels. Jong, maar toch al een wandelend vat vol ervaring. Hij liep stage op het biodynamische bedrijf De Wriemeling en startte dit jaar met CSA-tuin ‘De Wakkere Akker’ in Herent. Als Jonas aankomt, legt iedereen het werk neer voor ‘de les’. Eerst wat theorie – hoewel altijd praktijkgericht – waarbij Jonas vertrekt van een vraag of iets wat specifiek is voor de tijd van het jaar. Vandaag legt hij uit wat je nog laat (juli-augustus) kunt zaaien en waarom. Hij brengt ook wat gereedschap mee, o.a. een vlijmscherpe én zelfslijpende hak.

In tegenstelling tot wat je misschien zou denken, moet je in periodes van aanhoudende droogte veel schoffelen en hakken. Niet alleen om het onkruid te domineren, maar vooral ter bescherming van de onderlaag. In feite breng je al harkende een beschermend laagje aan, en zo houd je de ondergrond vochtiger. Vergelijk het maar met een mulchlaag. Een weetje dat ik beslist moet onthouden, al vind ik het best jammer dat de waarheid niet strookt met mijn boerenverstand.

We struinen door alle tuintjes. Iedereen geeft zijn ogen de kost en ‘tuinproblemen’ worden in groep besproken. Dat de tuiniers beginnen te vergelijken, is haast onvermijdelijk. Wie heeft de meeste courgettes? Bij wie bulken de aardbeiplanten van de glanzende rode vruchten? Bij de ene zijn de kolen al voetbalgroot, terwijl bij de andere de kiemblaadjes nog zichtbaar zijn. Jonas legt uit dat je echter niet naar de grootte moet kijken, maar dat je moet voelen of de kool hard is. Dán is het tijd om te oogsten, ongeacht het formaat. De zandleemgrond is zwaar om te bewerken, vooral omdat de bodem lang weide was. Omdat de grond nog losser moet worden, had Jonas de teelt van schorseneren niet aangeraden. Desondanks volgde tuinier Herman zijn gevoel. Terwijl ik toekijk, oogst hij met een brede glimlach zijn eerste schorseneer.

Ten strijde tegen slakken

Helaas wordt De Zavelhof veelvuldig bezocht door de familie slak. Om de schade te beperken, zijn alle ecologische middelen toegestaan. Naast de bekende groene escargotkorrels van Ecostyle, zie ik veel plastic flessen of kartonnen dozen die het jonge plantgoed beschermen, al dan niet met een extra damescargot errond. Planten zoals pompoenen laat men opzettelijk in de hoogte klimmen.

Sommige tuiniers experimenteren met aaltjes/nematoden van Bioslug, zonder meer de duurdere optie. De aaltjes zoeken de slakken op en dringen ze binnen via de mantelholte. Speciale bacteriën die in symbiose leven met de nematoden komen vrij in het slakkenlichaam. Aangetaste slakken stoppen na enkele dagen met eten en sterven af. In het dode slakkenlichaam ontwikkelen zich nieuwe generaties aaltjes die op zoek gaan naar nieuwe prooien.

Je ziet in de tuin een groot aantal manieren om groentebedden af te bakenen: stoeptegels, dakpannen, touw, opgehoogde bedden, houten bakken ... Daar gelden duidelijk – en gelukkig maar – geen regels voor. Voorwaarde is dat je ecologisch tuiniert, en je wordt vriendelijk gevraagd om je lapje grond zo onkruidvrij mogelijk te houden. De Zavelhof vormt een mooi, kleurrijk lappendeken met een beetje verscheidenheid, maar vooral veel eenheid.

Alleen en toch samen

Online plantenzoeker zet juiste plant op juiste plaats

Reacties (0)

Met dit mooie tuiniersweer geven veel mensen de aanzet voor toekomstige tuinfrustraties. Ze kopen mooi ogende planten die ze met zorg een plekje geven in hun tuin, maar zien na verloop van tijd de plant wegkwijnen terwijl onkruid de bovenhand krijgt. Meestal blijkt de plant in kwestie totaal ongeschikt voor die standplaats.

Om dit soort tuinzorgen te voorkomen lanceert Velt een unieke online plantenzoeker waarmee je in een handomdraai kan uitzoeken welke planten geschikt zijn. Wie met dat lijstje naar het tuincentrum trekt koopt tuinplezier.

Hoe werkt het?

Op beweegt.velt.be/plantenzoeker start je bij voorkeur je zoektocht binnen een bepaalde groenvorm. Zo kun je zoeken naar eenjarigen, planten voor een zonne- of schaduwborder, voor een stenig of een nat biotoop, kleine of grote bomen, struiken en klimplanten. Met behulp van enkele gerichte zoekacties, en naar je eigen smaak, maak je plantenlijsten die echt werken voor jouw tuin.

  • Op de website vind je een woordje uitleg over de belangrijkste termen en basisinformatie over de standplaatsen. Je leert bijvoorbeeld hoe je de lichtinval bepaalt, wat er wordt bedoeld met termen als 'vochtgehalte' en 'voedselrijkdom' en met welke bodemsoort je in je tuin te maken hebt.
  • Na de keuze van de groenvorm, krijg je telkens enkele verplichte zoekvelden zoals bodemsoort, licht en vocht.
  • De zoekresultaten kun je verder verfijnen met optionele zoekvelden. Zo kun je planten selecteren op hun eetbaarheid, hun hoogte of hun bloemkleur en last but not least, hun afkomst.
  • Wie enkel inheemse en ingeburgerde planten wil, filtert met een muisklik de uitheemse planten uit de zoekresultaten.
  • Ten slotte blijft ook een eenvoudige zoekopdracht op naam van de plant mogelijk, handig als je meer info zoekt over een bepaalde plant.

De plantenlijst bevat momenteel zo'n 800 soorten maar wordt voortdurend uitgebreid met nieuwe planten. Bij de lancering van de website zijn nog niet alle plantenfoto’s beschikbaar. We streven ernaar om op termijn bij alle planten foto’s van de verschillende groeifasen te tonen. Stuur je suggesties naar plantenzoeker@velt.be.


Meer informatie over planten

Stappen naar een ecologische tuinMet het boek Stappen naar een ecologische tuin had Velt al een boek in huis over de aanleg en het beheer van een ecologische tuin. Dat boek bevat plantenlijsten voor verschillende 'groenvormen', bijvoorbeeld hagen, klimplanten, bloemenweide, schaduwborder,... en dat in functie van de vochtigheid, het bodemtype en de zuurheidsgraad van de grond. Door de natuurlijke opvolging van plantengroei (successie) als inspiratiebron te nemen, zorgen de lijsten voor geslaagde plantencombinaties.

Klik hier om het boek Stappen naar een ecologische tuin te bestellen
 
 

Online plantenzoeker van Velt

Advertenties

Boeken van Velt

Ledenvoordelen

  • 6 keer per jaar ons tijdschrift Seizoenen
  • Leuk welkomstpakket
  • Korting op boeken van Velt
  • Korting in ruim 150 bio- en ecowinkels
  • Grote korting met onze jaarlijkse Velt-zadenactie
  • Uitnodigingen voor interessante activiteiten in je buurt
  • Toegang tot het online Seizoenen-archief
  • Je ontvangt onze tweewekelijkse nieuwsbrief

Word lid